Camionettisering

Mike klopt zijn wekker af: het is vier uur. Hij grijpt zijn koelbox, vult zijn thermos en aarzelt nog even om zijn kroost over de bol te aaien, maar neen: laat ze maar slapen. Hij rept zich naar den bureau waar zijn collega’s slaapdronken in de witte aangedampte camionette hem opwachten. De rit is lang, de koffie reeds koud als ze anderhalf uur later op hun werf arriveren. Hun baas is trots op zijn contract dat hij afsloot in een uithoek van het land.

Als ik dagelijks de tegen de ruit snurkende stielmannen uit enkele provincies verder zie toekomen, bekruipt me een wrang gevoel. De impact op hun gezinsleven, belasting op milieu en onze wegen, de tol blijft zwaar.
Laten we voortaan lokale ondernemingen betrekken in onze plannen. Noem het ‘groen aankopen’. Zoek een leverancier in de buurt: samen plukken we er de vruchten van.

Advertenties

Google+ review

Vandaag 1 Juli startte ik met mijn oude gmailaccount een Google+ account.
Hieronder deel ik mijn eerste ervaringen.

Even had ik heimwee naar de Group functie die Apple in het begin van deze eeuw lanceerde onder iTools / .Mac / huidige MobileMe / toekomstige iCloud. Steve heeft toe een fameuse kans laten liggen om het Social Network te bouwen voor de 21e eeuw. Hij zal destijds wellicht te druk bezig zijn geweest met zijn speeltjes à la iPod.

The looks

Ik baseer me momenteel op de ervaring via Safari 5 op Mac OS. Allereerst een pluim voor de designers, die er in slaagden een interface te creëren die voor zowel professioneel, als eerder familiaal gebruik aanvaardbaar is. Hij is kaal, rustig, wit. Net wat we van Google verwachten. Dat dit zo blijft, daarvoor heb ik zo mijn twijfels. Lots of space for more buttons, vrees ik. Een ware valkuil waarin de huidige gmail client in verzeild is geraakt.

Wat me verder opvalt, is dat het geheel (ook weer voorlopig) ad-free is. En dat is ook een hele opluchting.

Kringen

Kringen (te vergelijken met Facebook groups) zijn een bundeling van individuen. Je kan ze ten alle tijde hernoemen, desnoods verwijderen. Om die kringen van leden te voorzien, scant Google je adresboek naar potentiële contacten en somt die visueel op. Het enige wat je te doen staat, is ze gewoon slepen naar de bewuste kring onderaan. Met een fancy animatie voegt de online-app het individu toe aan de zogenaamde kring.

Gesloten

Voorlopig is het niet mogelijk om vanuit bv. je huidige Facebook, Twitter accounts updates te posten naar je Google+ account. Google hanteert hier even de oogkleppen.

Wachten

En nu. En nu is het wachten. Waar blijven ze; de friends. Waar blijven ze; de posts? Waarom zou ik in godsnaam, naast mijn FB, LinkedIn en Twitterprofiel nog energie steken in nog een netwerk?

De sprei

De sprei — in het Mechels ook gekend als ‘seuzze’ —  is in mijn ogen één van de beste manieren om de tanende textielsector in onze contreien recht te houden. De totaal onnodige aanwezigheid van een over het bed gespannen doek, daar heb ik het dus over. Reizigers aller lande: lees even met me mee.

Ik denk dat menig kamermeisje het met mij eens is, als ik zeg dat deze vezelige overtolligheid maar gauw tot het verleden gaat behoren. Immers: wat is het eerste dat u doet, zodra u een hotelkamer betreedt? Inderdaad: weg met die sprei!
In grauwe hotelletjes durf ik er nauwelijks mijn neus tegen aandrukken. De reden van zijn stugheid doet me huiveren, en ik wil niet weten wie er voor mij — in een vlaag van ongeduld en passie — zijn maîtresse op strijkte. Veelal is het eerste contact met de sprei de bodem van mijn koffer, die daarnet nog in een stoffige bagageruimte vertoefde.
Ooit vond ik schoenafdrukken van een personeelslid dat even voordien een defecte lamp aan het plafond had vervangen.
Jazeker, de lakens zullen wel proper zijn. En — milieubewust als we zijn — de handdoeken op de grond zullen grondig gewassen worden. Maar stond u reeds stil bij de idee dat de eeuwig in de hoek van de kamer geworpen sprei ook wel eens een wasbeurt verdient?

Mijn eerste kennismaking met de sprei moet ergens in de jaren 70 zijn geweest, in mijn prille kindertijd dus. Als ik bij grootmoeder in de slaapkamer blikte, lag er steevast mooi strak, bij voorkeur geribbelde sprei, met van die getorste touwtjes, steevast ‘frennekes’ genoemd. Zo goed onder de matras gestoken, u kent dat wel.
Ik las ergens ooit dat het vermijden van huisstofmijt er in bestond, om vooral het bed te laten luchten: jawel. Maar neen hoor. Vanuit een burgerlijke moraal (?) strijkt men in elk hotel elke ochtend de plooien van een bezoedelde nacht plat en bedekken we het bed der ontucht met een traditioneel doek.
In Duitstalig gebied slagen ze er ook nog in om de sprei te decoreren met een zogenaamde ‘loper’. Een nog stugger, breed lint. Veelal voorzien van bloemenmotieven. En vaak een stel kussens moet de boel wat opvrolijken. In mijn ogen, nog meer ballast.

Maar deze dagelijkse beschavingsactie doet mijn anarchistische geest dan weer geen goed. Wat als we het extra bed in de hotelkamer nu eens bezoedelen, en ’s ochtends volgens de regels van de kunst mooi opdekken, achterlaten in de staat zoals we het bij aankomst aantroffen, inclusief sprei dus.
Zal het onderbetaalde kamermeisje de moeite nemen om ook het — in haar ogen ongebruikte — bed te verschonen?